home | contact | zoek:  

Olaf en Bernard in de marathon van Amsterdam

25 oktober 2011

Als diabeet had ik altijd gedacht dat de marathon een stap te ver voor me zou zijn. Dat Bas van de Goor , dat zou kunnen, was fijn voor hem, maar dat was een topsporter en zo zag ik mezelf niet….het was afgelopen jaar, dat ik hoorde dat de inter- Faith marathon van Luxemburg niet door zou gaan voor geestelijken. Het was verschoven naar het Pinksterweekend en dan hebben alle predikanten diensten. Dus alle christenen vielen af en de organisatie werd ook gehalveerd. Wat nu? Geen halve marathon dit jaar op het heuvelachtige terrein van Luxemburg en ineens dacht ik…ik zou met de initiatiefnemer van die inter- Faith marathon kunnen overleggen of dit ook in Nederland zou kunnen plaats vinden. Hij gaf me groen licht en deelde mee, dat hij zelf ook zou meelopen. Zo kwamen we uit om het in Amsterdam te gaan organiseren, aangezien die marathon centraal lag en we tijd nodig hadden voor de organisatie.

Amsterdam de stad waar ik mijn eerste 21 km had afgelegd als student. Op een dag die zo heet was, dat we met brandslangen werden bespoten toen we langs de studentenflats van Uilenstede kwamen. Zou ik mijn eerste marathon daar gaan lopen?

Ach nee zei een stemmetje in mij, dat kan je toch niet en zoveel tijd heb je niet om al die kilometers te maken. Mijn vrouw, die inmiddels een tijd bij Hanzesport liep, zei dat maar eens bij de atletiekgroep moest informeren. Zo gezegd, zo gedaan. Er is een groep die op maandag en op zaterdag loopt. Ik ging ernaar toe en zag al die snelle vrouwen en mannen, die bijna zwevend over de baan heen gingen. De eerste dag dat ik mee deed, kregen we na het hardlopen op de maandag een paar oefeningen voor de buikspieren ( ik schijn ze ergens diep van binnen te hebben). Ik kreunde en klaagde en bracht er weinig van terecht. Daar moet je wel wat aan doen zei Wilbert. Zodoende werd er een buikspierinstrument in de studeerkamer geïnstalleerd bij me thuis. Als ik weer eens wat kreunde wist mijn vrouw waar het vandaan kwam. Ik liep , zo werd me duidelijk, ook erg met mijn schouders stil , mijn hoofd naar beneden gebogen en bewoog nauwelijks mijn armen. Ook dat nog , dus iedere ronde als ik langs de trainer kwam sprong ik rechtop uit mijn bananenhouding naar een rijpe peer en rende door tot de bocht, waar alles weer hetzelfde werd. Maar…ik leerde er wel van.

Op de zaterdag leerde ik lange afstanden te nemen en trainde mee met de groep die de Berlijn marathon gingen lopen. Rustig inlopen werd me geleerd. Eerst moest er vet worden verbrand en niet gelijk koolhydraten. En ja na een hyper ( teveel suiker in het bloed) belandde ik achter op de fiets bij Wilbert. Wanneer er dan werd gezegd, ren maar even zo hard als je wil, zag ik de mensen voor me versnellen en voelde ik alsof mijn benen ineens een stuk zwaarder werden. Moet ik dit wel doen zit ik in de goede groep. Ik liep altijd 5 minuten op een km, maar hier kon ik nauwelijks de 6 halen.

Totdat ik 30 km moest gaan lopen. Mijn gewicht werd duidelijk minder, zo’n 5 kg, dat ik niet meer mee hoefde te torsen en thuis gekomen vertelde ik mijn vrouw, dat ik na 37 jaar huwelijk weer mijn gewicht had van toen we gingen trouwen. Ze knipoogde me toe en zij, dat ze me toch wel een mooie man vond. Nu liep ik iedere week 30 kilometer, vaak alleen door gewoon de tien kilometer van de City –run drie keer te doen. Saai, nee integendeel, nu wist ik waar ik aan toe was. In de laatste week van de toenemende trainingen deed ik woensdag een 30 en zondagmiddag liep ik in de stralende zon naar Deventer over de hoven en de worp en dan weer terug aan de andere kant. Zonder brokken kwam ik thuis. Ondertussen had ik Albèr Giezen leren kennen, hij wilde mee doen in de organisatie van het evenement in Amsterdam. Hij zou ook nog eens de marathon gaan lopen. Wat een super collega, dacht ik nog die loopt zomaar de marathon. Het thema dat centraal stond in onze loop was : “running for compassion”.  Walle Tempelman, die ik al jaren kende wilde wel zorgen voor wat T-shirt’s.  Zodoende zouden we in die grote massa herkenbaar zijn (vergeet dat overigens maar want tussen 30.000 hardlopers val je nauwelijks op). Bernhard Pluim vertelde eens, dat hij een stuk geschreven had over compassie. Het was goed doordacht en al is hij geen voorganger van een kerk, ik ben eigenlijk veel te protestants groot gebracht om de voorgangers alleen maar als religieuzen te zien. Ik merkte wel dat Bernhard goed aan het trainen was. Bij het woord, je mag even voor jezelf lopen schoot hij vaak weg en dan kwam er zo’n ongedwongen loopje, waarmee hij menigeen van zich afschudde of voor bleef. We gingen ervoor…maar de laatste weken moest ik rusten. Waar ik eerst mezelf gedwongen had te gaan lopen, uren en uren, werd ik nu ineens gedwongen te rusten en alles in mij zei, dat kan toch niet goed gaan. Maar ja luisteren is ook een kunst dus toch maar doen.

’s Morgens zou om 9.30 uur de marathon starten op 16 oktober. De Luxemburgse predikant had bij ons thuis geslapen en om 7.00 uur zaten we in de auto. Ik zou mijn “belt”omhouden met daarin de zakjes gel voor onderweg en mijn bloedglucosemeter. Bij de start nog even meten…de prikpen was verbogen door een val…oh hoe nu verder, dan maar prikken met een speld als de rest het nog maar doet.! Maar na 7 km was de meter uit de gordel gesprongen, weg…en dan maar doorlopen. De eerste 30 km deed ik naar mijn gevoel rustig aan. Na 30 km begint pas de wedstrijd , dus toen liep ik naar mijn gevoel echt hard. Talloze mensen aan de kant die met kramp in hun benen stonden, maar ik liep lekker en had het gevoel dat ik niet moei werd. Tenslotte nog een eindsprint en toen zag ik dat ik 3.54 had. Ik voelde me de koning te rijk. Later las ik dat alleen de eerste 5 km langzamer waren geweest dan de rest en de laatste de snelste. Een geweldig gevoel had ik en nu kijken naar de anderen. Daar kwam Albèr op 4.32 , geweldig!

Bernhard Pluim liep de 21 km in een zeer snelle tijd van 1.33. Alsof Wilbert had gezegd, nu mag je los en hij diezelfde snelle slag over zich kreeg. We hadden nu €1500 opgehaald met een sponsoring van onze loop voor de aanschaf van een nieuwe keuken voor mensen die in Amsterdam ongeregistreerd rond lopen. Samen 10 uur gelopen ( 4 en 4,5 en 1,5) voor al die mensen die zonder paspoort eigenlijk geen stap kunnen zetten zonder zich onveilig te voelen. Dan is tijd een klein begrip.

Olaf Haasnoot , predikant van de protestantse kerk in Zutphen